Een persoonlijk handelingsplan voor leerlingen met dyscalculie

Als sommige rekenoefeningen telkens opnieuw heel moeilijk te maken zijn,
als men op school steeds te snel gaat bij een rekentoets,
als een leerling niet graag rekenoefeningen aan bord maakt,
en als lezen en schrijven veel leuker en gemakkelijker zijn dan rekenen,
dan is dyscalculie mogelijks de verklaring.


Dyscalculie is een leerstoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem met het aanleren en het accuraat en/of vlot toepassen van reken- en telhandelingen.
Om van dyscalculie of van een rekenstoornis te kunnen spreken moet voldaan worden aan vier criteria:

  • Criterium van de achterstand (discrepantiecriterium):
    De rekenvaardigheid ligt significant lager dan men in gegeven omstandigheid zou verwachten (gezien prestaties op andere vakken, gezien gegeven onderwijs,…)
  • Hardnekkigheidcriterium:
    Adequate remediëring en inoefening hebben niet het beoogde effect; ondanks de inspanningen van leerling, leerkracht of andere actoren blijft de achterstand bestaan. Er moet minstens 6 maanden intensieve begeleiding geweest zijn om dit criterium correct te beoordelen.
  • Exclusiecriterium:
    De stoornis is niet te verklaren door andere kindkenmerken, kenmerken van de onderwijscontext of gezinscontext.
  • Geen momentopname:
    Het beeld van onderpresteren moet bij herhaling voorvallen.

6 tot 7% van de kinderen krijgt de diagnose dyscalculie. Deze kan gekoppeld voorkomen met een andere leer- en/of ontwikkelingsstoornis.

De oorzaak van dyscalculie lijkt te liggen in een stoornis in de hersenprocessen die instaan voor het rekenen. Er zijn aanwijzinngen dat het een aangeboren erfelijke stoornis is, met een neurologische achtergrond. Het heeft dus niets te maken met intelligentie, motivatie of een gebrek aan concentratie.
Indien de rekenproblemen hieraan wel gekoppeld worden, spreekt men niet van een rekenstoornis, maar van een rekenmoeilijkheid, het rekenprobleem is dan een gevolg (secundair) van een ander probleem.

Bij de inschrijving op onze school wordt gevraagd te melden als uw kind dyscalculie heeft en het attest van de neuroloog of de logopedist in te dienen. Bij het begin van het schooljaar vindt een intakegesprek plaats tussen uw kind en de interne zorgbegeleider. Wie instapt in de wekelijkse steunlessen op school of wie logo volgt buiten de school krijgt een persoonlijk handelingsplan. Hierin staan specifieke compenserende en dispenserende maatregelen waar uw kind gebruik kan van maken tijdens de wiskundeles alsook tijdens aanverwante vakken (aardrijkskunde, wetenschappelijk werk, fysica…). Zo mogen de leerlingen bijvoorbeeld soms het rekentoestel gebruiken terwijl medeleerlingen hoofd- en cijferrekenen. Ook krijgen de leerlingen de kans om examens mondeling toe te lichten indien ze dat wensen.

Als je door de letters het woord niet meer ziet…

Een zorgzame school bekommert zich om de totale leerling en wil iedereen voldoende kansen bieden om zich ten volle te ontwikkelen. Zorg, preventie en algemene ondersteuning op school is er voor de leerling met speciale behoeften, maar natuurlijk ook voor elke andere leerling. Een probleem dat de laatste jaren meer en meer onder de aandacht is gekomen, is dyslexie.

Dyslexie is een leerstoornis die verhindert dat het lezen van woorden, en vaak ook het foutloos schrijven ervan, een automatisme wordt. Dit heeft voor de leerling zware gevolgen in onze ‘talige’ maatschappij. Men wordt immers dagelijks geconfronteerd met geschreven tekst. In het onderwijs merken we dat leerlingen op twee fronten hinder ondervinden van deze leerstoornis. In eerste instantie kost het hen meer tijd om leerstof te lezen, in zich op te nemen en daarna opnieuw te vertalen naar geschreven tekst. Leerlingen met dyslexie moeten zich voor alle vakken, niet enkel voor taalvakken, onevenredig hard inzetten wanneer vergeleken wordt met even intelligente klasgenoten. Hierdoor kiezen deze leerlingen vaak een onderwijsniveau dat lager is dan wat ze op grond van hun intelligentie aankunnen.

Daarnaast bezorgt dyslexie leerlingen ook sociale hinder. Het schaamtegevoel rond hun probleem is vaak zeer hoog. Aangezien dyslexie een vrij ‘onzichtbaar’ probleem is, gaan anderen hen gemakkelijk aanzien als lui, wat helemaal het geval niet is. Ook het gevoel van eigenwaarde wordt bij leerlingen met dyslexie vaak aangetast. Het is enorm frustrerend voor hen dat zij enorm veel energie moeten steken in zaken die bij klasgenoten bijna vanzelf gaan.

Bij de inschrijving op onze school wordt gevraagd te melden of uw kind dyslectisch is en een attest van de neuroloog of de logopedist in te dienen. Alle eerstejaars leggen een signaliseringsdictee af om eventuele spellingzwakke leerlingen te detecteren. De leerlingen met een zwakke score en de leerlingen die een attest indienden, krijgen na een gesprek de kans om de remediëringslessen te volgen. Wie instapt in de lessen krijgt een persoonlijk handelingsplan of een ‘afsprakennota spellingzwakte’ waarin enkele compenserende en dispenserende maatregelen zijn opgenomen. Zo mogen de leerlingen het stappenplan dat zij aanleerden in die lessen, gebruiken bij toetsen, dictees en examens. Ook krijgen de dyslectische leerlingen de kans om examens mondeling toe te lichten indien zij dat wensen.

Leerlingen in het ASO met een handicap kunnen worden geïntegreerd in het gewoon onderwijs. Ze krijgen dus niet apart les in het BuSO. Het begeleidingscentrum van het BuSO en het CLB helpen de school wel om de specifieke aanpak te ondersteunen.

Vóór een inschrijving is er steeds een gesprek tussen ouders, GON-begeleiding en directie om de poblematiek te kunnen kaderen en begrijpen. Bij definitieve inschrijving zal de klassenraad bij het begin van elk schooljaar geïnformeerd worden door bovenstaande instanties over de problemen van de leerling. Na overleg neemt de klassenraad begeleidende maatregelen.

Dat kunnen compenserende maatregelen zijn, waarbij onderwijssituaties vereenvoudigd, aangepast of vervangen worden. Wanneer leerlingen vrijgesteld worden van sommige situaties en intussen begeleiding krijgen van de BuSo-begeleider spreken we van dispenserende maatregelen.